Nu ik mijn broertjes, zusjes, mama en tantes niet meer heb om mee te spelen, moest ik mijn vertier elders zoeken. Gelukkig ben ik er al heel snel achter gekomen dat er in mijn nieuwe buurt genoeg te doen is. Als mijn alpha’s mij op juiste tijden uitlaten, kom ik namelijk heeeeeel veel nieuwe vriendjes tegen. Zo heb ik een bouvier naast ons wonen, Nina, waar ik het meeste mee speel. Nina is ook nog een puppy, maar al wel heel groot. Ze is al 6 maanden! Ze is zo grappig en tot nu toe mijn beste vriendinnetje. Dan is er ook Bell, dat is een jongetje van maar liefst 7 maanden (maar wat voor soort het is, kan ik niet onthouden). Die is ook heel grappig. Die wil ook heel graag met mij spelen.
Verder zijn er ook nog Cleo en Tosca (toch?) en nog een paar hondjes waar ik de naam nog niet van weet (maar daar kom ik wel achter). Er wonen ook zo veel hondjes bij ons in de buurt. Altijd als ik naar buiten mag (dat geven mijn alpha’s aan met ‘plasje?’ en dat betekent dat ik buiten mag lekken!) dan zie ik altijd wel een vriendje of vriendinnetje en gelukkig laten mijn alpha’s me altijd wel even met ze spelen omdat ze weten dat ik heel veel te vertellen heb sinds ik ze laatst heb gezien.
Wat ik wel alleen heel erg jammer vindt is dat alle mensen om mij heen mij nog erg willen beschermen voor die ‘grote honden’. Ze zijn maar een paar maandjes ouder dan ik ben en ik ben een hele sterke hond die best wel wat aan kan. Maar iedere keer weer hoor ik ‘kijk uit voor dat kleine hondje, die is nog zo jong’… Zo klein ben ik toch niet meer? Ik kan echt wel wat hebben hoor. Om ze dat te laten zien, spring ik er stiekem toch gewoon tussen en speel lekker mee. Mijn alpha’s weten dat ik dat best wel kan en zien zelf ook dat mijn vriendjes best wel op mij letten.
Ik ben er trouwens nu zeker achter. Ik heet KATEY! In plaats van ‘kateygroteplas?’ zeggen ze nu ‘Katey ga je mee plasje doen?’ En dat betekent zelfs dat ik mee naar buiten mag om te lekken! Plassen is dus eigenlijk lekken, ik dacht het eerder al te weten, maar nu weet ik het echt zeker. Maar om terug te komen op mijn naam, ik begrijp nu die eerste woordjes die ik eerder heb geleerd. Ze zeiden niet ‘kateymagniet’, maar ’Katey, mag niet’.
Verder ga ik mijn alpha’s steeds liever vinden (ik vond ze al hartstikke lief hoor, ze kwamen toen ik nog bij mama woonde ieder weekend naar me toe om met me te knuffelen en spelen en dat terwijl ze heeeeel ver daarvoor moesten rijden). Mini-alpha zei vanmorgen zelfs tegen me dat ik zijn beste vriendinnetje was en toen ben ik lekker met hem gaan knuffelen om te laten weten dat ik dat ook zo vindt. Hij vindt het dan nog af en toe wel wat eng om met mij te spelen omdat mijn tandjes scherper zijn dan die van hem, maar ik vind hem toch ook wel mijn beste vriendje. De grote alpha’s durven wat meer met mijn tandjes te spelen en zij zijn ook gek op knuffelen, net als ik. Wat ik het allerliefste van ze vindt is dat ze niet heel boos worden als ik per ongeluk een klein plasje in huis doe, terwijl dat eigenlijk niet mag. In mijn verdediging zeg ik dat ik dat ook echt niet expres doe, soms vergeet ik gewoon echt eventjes dat ik niet buiten ben. Daar kom ik meestal achter zodra mijn alpha’s dan ineens opspringen. Gelukkig mag ik daarna gelijk buiten verder plassen en zelfs ook eventjes buiten spelen (en als ik geluk heb is Nina dan buiten en kan ik met haar spelen en mijn lieve alpha’s staan dat dan toe omdat ik het nog moet leren).
Helaas is niet heel deze week positief geweest. Ik hoorde namelijk van mijn alpha’s dat mijn lieve tante Sophie deze week een sterretje is geworden. Ik wist dat ze al heel lang ziek was en mama en mijn vorige alpha keken altijd heel bezorgd als het om tante Sophie ging, maar ik vind het toch wel heel erg dat het zo vlug is gegaan.
Om mijn lieve tante Sophie te eren, sluit ik deze keer af met een heel mooi gedicht dat ik van mijn alpha’s heb gekregen:
De Regenboogbrug
Ergens hierboven is een plaats;
De regenboogbrug
Als een dier sterft dat een bijzondere band met iemand hier had, dan gaat hij of zij naar de Regenboogbrug.
Er zijn daar weilanden en heuvels voor al onze speciale vriendjes, zodat ze samen kunnen rennen en spelen.
Er is genoeg te eten, water en zonneschijn,
onze vriendjes hebben het dus warm en comfortabel.
Alle dieren die oud of ziek waren zijn daar weer gezond en energiek, Diegene die gewond of verminkt waren zijn weer gaaf en sterk.
Precies zoals wij ze ons herinneren in onze dromen
over hoe het eens was.
De dieren zijn er tevreden en blij
Er is alleen één minpuntje :
Ze missen allemaal die ene speciale vriend die is achtergebleven.....
Ze rennen en spelen samen maar er komt een dag waarop
er één plotseling blijft staan en in de verte kijkt.
De heldere ogen staan strak, het gespannen lijf begint te beven.
Plotseling komt dit dier los van de groep, vliegt over het groene gras, sneller, sneller en sneller.
Je bent gezien en als jullie elkander eindelijk treffen, klampen jullie je aan elkander vast in een vreugdevolle hereniging om elkaar nooit meer te verlaten.
Een blije kusjesregen over je gezicht, je handen aaien de zo geliefde kop weer en je kijkt weer in die o zo vertrouwde ogen, die zo lang zijn weggeweest uit je leven
maar nooit en te nimmer uit je hart.....Samen steek je De Regenboogbrug over ..........
Dag lieve tante Sophie, ik zal je heel erg missen. We speelden altijd zo fijn en ik vond je altijd zo lief.
Liefs,
Katey
zaterdag 8 november 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten